Training: Laten spelen is een vak BSO

De cursus Laten spelen is een vak (ontwikkeld door het NJi) richt zich op het verbeteren van de interactievaardigheden van de pedagogisch medewerkers in de BSO. Vijf vaardigheden staan centraal: emotionele ondersteuning bieden, respecteren van de autonomie, structuur bieden, informatie en uitleg geven, begeleiden van interacties.

De nadruk ligt op de een-op-een contacten met de kinderen, maar ook het scheppen van bepaalde voorwaarden komen aan bod, zoals afstemming met de ouders.

Het doel van de cursus is te bevorderen dat pedagogisch medewerkers de kinderen optimaal stimuleren in hun ontwikkeling.

 

De bijeenkomsten van de cursus:

  1. Introductie op de cursus
  2. kijken naar kinderen
  3. Emotioneel ondersteunen
  4. Respect voor autonomie
  5. Structuur bieden en grenzen stellen
  6. Informatie en uitleg geven en begeleiden van interacties
  7. Omgaan met ouders

Deze training is ontwikkeld door het Nederlands Jeugdinstituut.

 

Locatie: In-company

Aantal dagdelen: 7  x 2,5 uur

Aantal deelnemers: min. 8 en max. 15

 

Kosten van de training: € 3500,00

 

Dit bedrag is inclusief:

  • intake op locatie
  • cursusmap
  • evaluatie na afloop van de training

Dit bedrag is exclusief:

  • supervisie tijdens de praktijkbijeenkomsten (meerprijs in overleg, wanneer deze niet door de leidinggevende of pedagoog van de eigen organisatie kunnen worden begeleid).
  • reiskosten (€ 0,19 per km)
  • reistijdvergoeding vanaf 150 km v.v.

De kosten van de training zijn vrijgesteld van BTW.

 

Overige informatie

 

Doelgroep: Pedagogisch medewerker 4-12 jaar, begeleider, leidinggevende

Opleidingsniveau: MBO niveau 3

Werkervaring: Vanaf 0-1 jaar

 

Beoogde leereffecten van de cursus:

 

Kennis

De cursist:

  • beseft dat hij/zij door zijn/haar eigen gedrag invloed heeft op de ontwikkeling van kinderen;
  • weet het belang van bij elkaar in de groep kijken en elkaar feedback geven;
  • weet waarom betrokkenheid van kinderen op spel belangrijk is;
  • weet wat het belang is van het bieden van emotionele veiligheid';
  • weet dat het belangrijk is om kinderen te respecteren in hoe ze zijn (cultuur, karakter) en de keuzes van kinderen te respecteren;
  • beseft dat hij/zij kinderen die in hun spel opgaan, zo weinig mogelijk moeten storen: 'Niet storen, ik speel!';
  • kan structuur bieden door aan de kinderen duidelijk te maken wat er van hen verwacht wordt (leiding geven);
  • ziet het belang in van structuur aanbrengen in de activiteiten, in het programma, in de inrichting van de ruimte en bij het aanbieden van materiaal;
  • weet dat grenzen stellen onderdeel is van structuur bieden;
  • weet dat hij/zij bij de informatie en uitleg die hij/zij geeft, moet aansluiten bij het niveau, de aandacht en de activiteiten van het kind;
  • weet dat goede oudercontacten nodig zijn om de ontwikkeling van de kinderen te bevorderen. Hij/zij ziet in dat het belangrijk is om met alle ouders contact te onderhouden;
  • heeft zicht op de groepsprocessen en het welbevinden van kinderen in een groep;
  • beseft dat wederzijds vertrouwen tussen hem/haar en de ouders de kern vormt van hoed contact en dat ook in het contact met ouders de interactievaardigheden van belang zijn.

Vaardigheden

De cursist:

  • kan gericht observeren;
  • kan onderscheid maken in zwakke en sterke betrokkenheid op spel;
  • kan geborgenheid bieden en op gepaste wijze belonen en prijzen;
  • kan kinderen ruimte geven om dingen zelf te ontdekken en dat hij/zij niet meteen hoeft in te grijpen;
  • kan structuur bieden door aan de kinderen duidelijk te maken wat er van hen verwacht wordt (leiding geven);
  • kan de informatie en uitleg geven in opbouwende stapjes zonder onnodige uitweidingen;
  • kan zowel positieve als negatieve interacties tussen kinderen begeleiden;
  • kan in zijn/haar oudercontacten de vier interactievaardigheden toepassen.

 

Diploma/certificering: Bewijs van deelname: Laten spelen is een vak voor de buitenschoolse opvang.

 

Bewaking voortgang en beoordeling: Tijdens de cursus voeren de cursisten praktijkopdrachten uit die individueel en in de cursusgroep worden nabesproken. Er wordt een actieve deelname verwacht van de cursist. Daarnaast krijgen cursisten in de groepsbijeenkomsten observatieopdrachten.

Actieve deelname aan tenminste 6 van de 7 bijeenkomsten en het uitvoeren van de praktijkopdrachten gelden als minimale eis voor het behalen van het bewijs van deelname.

 

Studiebelasting en doorlooptijd: De voorbereiding op de bijeenkomst en uitvoering van de opdracht en nabespreking kost, afhankelijk per persoon c.a. 3 uur. Het totale aantal studiebelastingsuren per deelnemer (inclusief de cursusuren) is dan c.a. 30 uur. De totale doorlooptijd van de cursus is c.a. 3,5 maanden.